|
Ida Gerhardt - Verzamelde gedichten |
|
|
|
| Ida Gerhardt Verzamelde gedichten |
|
|
ONVERVREEMDBAAR
Dit wordt ons nooit ontnomen: lezen,
en ademloos het blad omslaan,
ver van de dagelijksheid vandaan.
Die lezen mogen eenzaam wezen.
Zij waren het van kind af aan.
Hen wekt een wereld waar de groten,
de tijdelozen, voortbestaan.
Tot wie wij kleinen mogen gaan;
de enigen die ons nooit verstoten.
Van de grote Nederlandse dichteres Ida Gerhardt (1905 – 1997) is mij dit gedicht onmiddellijk bijgebleven.
|
 |
Natuurlijk is dat omdat ik mij een leven zonder lezen niet kan voorstellen maar ook omdat zij zo treffend weergeeft dat wij, als wij lezen heel andere werelden binnengaan als die van onze eigen dagelijkse werkelijkheid. En, hoewel Gerhardt vooral de eenzamen onder ons aanspreekt, is eenzaamheid geen voorwaarde om van boeken lezen te houden.Het mooie is immers ook dat we, zoals zij zegt, andere werelden binnen kunnen gaan zonder dat we daarvoor ons huis behoeven te verlaten.Gerhardt heeft het in haar gedicht met name over de groten in de literatuur maar laten wij vooral ook de mindere goden eren en lezen, want daarvan zijn er veel meer en ook zij brengen andere werelden in ons dagelijkse leven. We kunnen via boeken naar Amsterdam met Doeska Meysing, naar het MiddenWesten van Amerika in de 19e eeuw met Arthur Japin, naar Venetië met Donna Leon en naar Rome met Rosita Steenbeek. En dan heb ik het nog niet over alle reisverhalen die in de bibliotheek te vinden zijn. We kunnen met de politie mee om criminele zaken op te lossen of van een schurk afkijken hoe je een misdaad pleegt zonder gepakt te worden maar ook leren hoe klein de afstand tussen ons en misdadigers kan zijn. We kunnen, al lezende, zowel de geschiedenis als de toekomst in. Voor de prijs van een bescheiden etentje kun je een jaar lang gratis boeken lenen en lezen. Dus: lang leve de bibliotheek.
|